Een Taal van Licht

Een selectie uit Grace bundel met mystieke poëzie, A Language of Light, vertaald door Peter van Kan. De originele Engelse gedichten en de vertaling staan naast elkaar. Hieronder het voorwoord.

'Eens, een jaar of wat geleden, naar het zuiden reizend vanaf Mount Shasta, was ik verzeild geraakt op de kust van Big Sur, rond zonsondergang. Terwijl de zachte deken van de nacht zich stil over het water uitspreidde, vond ik een slaapplek op een klif boven de oceaan. Ergens gedurende de nacht werd ik gewekt door een schitterend licht dat op mijn gezicht scheen. Over de donkere, immense oceaan straalde, met ongewone helderheid, een prachtige glinsterende ster.

Het was Sirius, wist ik, want wij zijn oude vrienden. En terwijl ik daar lag in de stilte, kijkend naar zijn lichtende straling, met als enige geluid het zachte lied van de golven onder me, werd ik me bewust van subtiele veranderingen in mijn wezen. Een onuitsprekelijke zoetheid en immense liefde vulden mijn hart, terwijl ik zo zachtjes en teder opgeheven werd tot in een gelukzalige, transcendente eenheid, een heilige communie met een oneindig grote aanwezigheid van Licht dat uitstraalde vanuit deze ster, maar sprak van voorbij de sterren, van achter zelfs het voorbije…
Uren gingen voorbij misschien – ik wist niet van tijd, alleen van een eeuwig gelukzalig Nu – en de ster bleef tot mij zingen, niet met woorden of gedachten, maar met pulserende lichtessentie die mijn cellen rechtstreeks bedrukten met een levende taal van licht – een overstijgende ervaring van Zijn – puur licht, pure liefde, God…
In deze gelukzalige zijndheid, communiceerde ik in eenheid met Al dat is. Ik voelde onze sterrenbroeders van de zee, de dolfijnen, en smolt met myriaden wezens uit engelengebieden en grootse ongeziene universums samen in bewustzijn als Een Geest, Een Hart, Een Ziel. En de sublieme lieflijkheid van deze onmetelijke liefde en eenheid gaat mijn vermogen om met woorden te beschrijven te boven. Het is Thuis… en het verlangen in mijn hart om terug te keren is, weet ik, hetzelfde verlangen in het Ene Hart van de gehele mensheid. Het is zo simpel, zo dicht in de buurt, zo vlakbij, een adem ver… het is wie we zijn, een Schittering van Zijn die we te lang vergeten hebben.
Vele jaren is het nu dat ik alleen gelopen heb in de nacht, naar de sterren staarde, luisterde, bad, herinnerde en weende. En ik weet nu wat ik niet altijd wist: dat velen van jullie hetzelfde hebben gedaan. Want we zijn waarlijk Een. En jouw voetstappen in de nacht klinken na in mijn hart, en jouw roep heb ik gehoord, want het is mijn eigen roep.
Het is aan jullie, mijn geliefde broeders en zusters, mijn grotere zelf, dat ik deze gedachten aanbied, geboren uit de stilte en de seizoenen van onze gebeden, geboren uit een hart vervuld van hevig verlangen om naar Huis te gaan. Het is mijn hoop dat op hun bescheiden manier deze bladzijden zullen kunnen zeggen wat niet gezegd kan worden, en een herinnering aanwakkeren…'

Grace
Mount Shasta
Juni 1989