Spirituele politiek

Omdat ik in 2007 een tijdje betrokken was bij wat toen nog het SPI (spiritueel politiek initiatief) heette, word ik regelmatig gevraagd of ik betrokken ben bij een van de twee partijen die daaruit zijn voortgekomen en/of wat ik ervan vind.

Het antwoord op de eerste vraag is nee.

De tweede vraag vereist een iets uitgebreider antwoord. Daartoe eerst een korte schets van de periode dat ik me met het SPI bezig hield.

Het initiatief kwam van Jan Roelofs (Die het prachtige interview met Paul de Blot maakte voor het Eigentijds Magazine. Ik heb wel een paar mooie contacten aan mijn SPItijd overgehouden). Toen ik ervan hoorde, waren er al een paar bijeenkomsten geweest.

Bij mijn eerste weekend, met zo’n 30 mensen, was er veel enthousiasme en werden er verschillende werkgroepen gevormd die elk een onderwerp gingen bespreken. Ik koos voor de ‘visiegroep’. In de daarop volgende maanden werkten we in deze groep aan teksten die als basis voor een politieke partij of beweging moesten gaan dienen.

In dit proces kwam een verschil van opvatting naar voren tussen degenen die meer sturend wilden zijn, b.v. door topsalarissen aan banden te leggen, en degenen die meer vanuit universele wetmatigheden wilden werken zonder de huidige situatie te veroordelen. Een andere splijtzwam was de wens van sommige leden, met Lea Manders als meest uitgesproken voorvrouw, om nu een partij te starten.

In de visiegroep raakte ik teleurgesteld in de mate waarin er echt vanuit principes (door)gedacht werd. Bij het vertalen van mooie uitgangspunten naar wat meer concrete politieke intenties, miste ik stilte en de bereidheid om af te stappen van emoties als verontwaardiging, verlangen en ambitie. Bovendien bleek ook in deze kleine en goed bedoelende club het politieke spel al langs bekende lijnen gespeeld te worden. Daar had ik geen zin in.

Mijn tweede SPI weekend was ook mijn laatste. Er waren ongeveer 20 lieve goede mensen aanwezig. Het was een af en toe bijna lachwekkend chaotisch gebeuren, waarin zowel mensen met sterke overtuigingen, voorzichtige suggesties, veel en geen enkele ervaring met spirituele principes, sterk aanwezige en geheel afwezige ambities, probeerden tot enige helderheid en richting te komen. Dat lukte ons niet. Een aantal mensen, waaronder Jan Roelofs en een paar goeie sterke vrouwen, haakte af. Toen op de valreep opeens de mededeling werd gedaan dat drie van de aanwezigen hoe dan ook een eigen partij gingen oprichten, was ik gelukkig al naar huis.

 

Via emails en persoonlijk contact vernam ik dat de rest van het inmiddels geslonken clubje dan maar mee ging in de haast om een partij op te richten. Vervolgens kwam er een splitsing in de nog niet opgerichte partij. Het netto gevolg is dat inmiddels de partij Mens en Spirit en de partij Heel Nederland het levenslicht hebben gezien.

De eerste, onder de voortvarende leiding van voorzitter en niet gekozen lijsttrekker/ fractievoorzitter (fractie van wat ?) Lea Manders, is of lijkt het meest actief. Onlangs werd een fraaie folder gepresenteerd. Ik vond hem zeer teleurstellend. Nadat de visiegroep van het SPI destijds was begonnen en enige vorderingen had gemaakt met het vertalen van uitgangspunten naar een programma, lijkt Mens en Spirit teruggegaan naar veilige vaagheden en verheven onliners waar weinigen het mee oneens zullen zijn. Voeg daarbij de koeien van taalfouten en de blijkbaar niet opgemerkte tegenstrijdigheid tussen minder regels willen maar wel voor ieder probleem de overheid in stelling brengen, en mijn teleurstelling is verklaard. Er is een partij en een folder en een website en een fractie en een lijsttrekker, maar geen inhoud.

In Heel Nederland zit meer denkkracht. Er zit echter ook zo’n sterke onderstroom van ontevredenheid in dat ik me af en toe bij Trots op Nederland waan i.p.v. bij een spirituele organisatie. Ik ben doodmoe van het afgeven op ‘de overheid’ of ‘de politiek’. Zoals een deelnemer aan een SPI-bijeenkomst terecht opmerkte: ‘de overheid, dat zijn wij zelf.’

In het SPI heb ik destijds gepleit voor de volgende strategie: eerst een inhoudelijk overtuigend programma opstellen en intern een werkelijk nieuwe manier van politiek bedrijven ontwikkelen (practise what you preach en dus niks ‘wij tegen zij’). Vervolgens support ervoor verzamelen en dan pas, vanuit kracht en een positie waar men niet omheen kan, kiezen om een partij te starten dan wel een bestaande partij onze kant op te trekken. Zoals b.v. de Rooie Vrouwen binnen en via de PvdA meer invloed hebben gehad dan wanneer ze een vrouwenpartij hadden opgericht.

Mijn zorg was dat er anders ontzettend veel energie zou gaan zitten in het opbouwen van een partij, met alle valkuilen van dien. Quod erat demonstrandum Ik constateer dat geen van de twee partijen op dit moment, na heel veel vergaderen en schrijven en discussiëren en interviews geven, inhoudelijk of qua invloed verder is dan het SPI een klein jaar geleden was..

Kortom, ik voel me niet echt thuis in deze partijen. Dat doet niets af aan mijn enorme waardering voor de mensen die proberen handen en voeten te geven aan hun idealen en zorgen. Dat is zeker niet gemakkelijk, en dat ze die worsteling desondanks aangaan, verdient respect.

Dus mijn respect hebben ze; mijn lidmaatschap ook (een schorpioen is nu enmaal van nature loyaal), maar mijn stem nog niet. Kan nog komen natuurlijk.

 

Update 21 juli 2008

De website van Heel Nederland is online. Tot mijn genoegen is de toon aanzienlijk minder klagend en verongelijkt dan eerder. En wie schetst mijn verbazing toen ik zag dat de beginselverklaring voor pakweg 85% uit formuleringen bestaat die een jaar geleden uit mijn eigen toetsenbord rolden. Daar kan ik het alleen maar mee eens zijn natuurlijk.

Net als bij Mens en Spirit geldt dat de vertaling naar een programma nog gemaakt moet worden. Die vertaling plus de manier van met elkaar een partij vormen, daar gaat het om. Ik ben benieuwd.